Mijn LG
Mijn LG

We leren ieder jaar nog bij over voederbieten

Voederbieten
Adrie en Angela Smolders uit Hooge Mierde vonden in voederbieten een renderend alternatief voor suikerbieten. Resultaat: een plus in gehalten en een plus op gezondheid. Door de arbeid rondom de teelt en het voeren efficiënt in te richten, passen voederbieten in het veelzijdig gemengde bedrijf.

Opvallend fris tonen de voederbieten van Adrie Smolders aan het einde van het winterseizoen, tegen het voorjaar aan. Van de oogst van vorig jaar ligt nog een paar ton in voorraad die zichtbaar goed de vorst doorgekomen zijn. “Je leert elk jaar een beetje bij over voederbieten”, vertelt Adrie. “We hebben pallets aan de zijkanten gezet, zodat er frisse lucht de hoop in kan. En het fleecedoek dat we gebruiken om suikerbieten onder te stoppen, houdt de voederbieten vorstvrij.”

Suikerbieten goedkoop, perspulp duur

Via de suikerbieten deden voederbieten enkele jaren geleden hun intrede op het gemengde bedrijf. Naast melkkoeien en vleesvarkens hebben Adrie en zijn vrouw Angela – met ondersteuning van vader Ad – ook een suikerbietentak op het bedrijf. “We verkochten de suikerbieten en kochten perspulp terug, maar de opbrengst van suikerbieten en de kosten van perspulp begonnen te veel uit elkaar te lopen. Perspulp werd duurder en suikerbieten werden juist slechter betaald. Dat was voor mij de reden om zelf voederbieten te gaan telen. De voederbiet is wat minder gevoelig voor ziektes, maar verder is de teelt gelijkaardig aan suikerbieten.“

‘We zagen vanaf het begin een plus in de voeropname’

Smolders begon met één hectare – dat was wat te weinig, daarover later meer – maar dat groeide al snel uit tot jaarlijks 5 of 6 hectare voederbieten. “We zagen vanaf het begin een plus in de voeropname. De voeropname gaat omhoog vanwege de smakelijkheid en je waardeert het basisrantsoen op.” Dat ziet Smolders ook terug in de melktank. “Vooral de gehalten stijgen flink wanneer we beginnen met het voeren van bieten, tot wel 0,15% bij zowel vet als eiwit”, vertelt Smolders, die ook geconstateerd heeft dat het propionzuur en enkele andere sporenelementen in de melk toenemen bij het voeren van voederbieten. “Dat zegt iets over de bijdrage van voederbieten aan de algehele gezondheid van het dier.”

Randvoorwaarden

Hoewel de teelt van voederbieten naadloos past in de bedrijfsvoering van Smolders, zijn er volgens Adrie wel wat randvoorwaarden om succesvol voederbieten te voeren. “Het begint met schoon werken. Onze loonwerker rooit één keer in de 3-4 weken vanaf de tweede week van september tot de vorst intreedt. Dan rooien we alles. Maar het moet tijdens het rooien niet te nat zijn want dan breng je veel te veel grond mee naar huis.” Hoewel Smolders een goede reinig- en snijbak heeft aan de verreiker, begint hygiëne volgens de melkveehouder op het land en wordt gevolgd door het apart inkuilen van de voederbieten. Smolders: “Kuil je voederbieten in met andere producten, dan moet je ze in ieder geval wassen vanuit hygiëne-oogpunt. Dat is mij wat te veel werk in piekperiodes.”

Een belangrijker argument dat Smolders aandraagt voor separaat inkuilen van voederbieten is opbrengst gerelateerd. Opnieuw trekt Adrie de vergelijking met de suikerbiet. “Mijn ervaring is dat de voederbiet meer potentie heeft in opbrengst dan de suikerbiet. Dat houdt wel in dat je de teelt goed moet organiseren én je het groeiseizoen maximaal moet benutten. Je moet ze ook niet vergeten met het beregenen als je de maximale opbrengst wil halen. Bij het gemengd inkuilen doe je de potentie van de voederbiet tekort, want deze groeit nog door tot diep in het najaar.”

Rialto is een veilige biet

Vanwege de opbrengst zaait Smolders sinds het eerste jaar Rialto. “Rialto heeft zich bewezen als een veilige biet. We voeren tot 8,5 kilogram product per koe per dag en met het drogestofpercentage van de Rialto gaat dat prima.” Smolders heeft wel degelijk ervaring met andere rassen. In het eerste jaar verliep het voeren van voederbieten zo succesvol dat het areaal van 1 hectare te snel op was. “Toen heb ik in de fourage een andere biet gekocht, maar dat was minder succesvol. De koeien reageerden er anders op. Dat was voor ons de reden om het areaal het jaar erop met Rialto’s te vergroten.”

‘De gehalten stijgen flink wanneer we beginnen met het voeren van bieten’

Omdat op de Brabantse zandgronden Rhizoctonia een alom aanwezige schimmel is, heeft Smolders hier ook voor de zekerheid van Rialto gekozen, die bekend staat als een Rhizoctonia-tolerant ras. Ervaring met Limagrain heeft Smolders al via de maisteelt; LG 31.206 en LG 31.257 staan als maisrassen al jaren op het 25 hectare grote snijmaisareaal. “We kiezen vooral voor deze rassen vanwege de celwandverteerbaarheid en als gevolg een hogere voederwaarde-opbrengst.”

Ook de begeleiding van Limagrain bevalt Smolders prima. Hij spart graag met teeltadviseur Antoon Verhoeven over de verschillende teelten en hoe bieten in het teeltplan van het bedrijf blijven passen. Met 280 melk- en kalfkoeien, bijbehorend jongvee, 900 vleesvarkens en een akkerbouwtak, moet Smolders wel kijken naar de inzet van arbeid. De melkveehouders zijn ook enthousiaste zomerstalvoerders. De combinatie van vers gras voeren en voederbieten in het rantsoen is arbeidsintensief, weet ook Smolders. “We stoppen zomaar niet met de biet.”

VOF Beemdhoeve bestaat uit Adrie (42) en Angela (38) Smolders in Hooge Mierde. De gemiddelde productie ligt op 10.700 kilogram melk met 4,45% vet en 3,72% eiwit.

Jaarlijks zaait het bedrijf 25 ha snijmais en 5-6 hectare voederbieten. De overige 70 hectare is grasland en akkerbouwgewassen in ruilteelt met akkerbouwers.

Even een dubbelcheck
of gewoon een vraag?

Neem contact op met jouw regionale specialist.

Lees meer over voederbieten in onze kennisbank