Een recordaantal van 1.163 maistelers uit heel Nederland stuurden afgelopen winter hun maiskuilanalyse in op www.vemwedstrijd.nl. De inzendingen lieten zien dat in 2018 veel mais met een goede voederkwaliteit is geoogst, met gemiddeld 1.008 VEM voor alle ingezonden kuilen. De 2 beste maiskuilen komen deze keer beide uit Friesland.

Door het droge en hete weer blijft het zetmeelgehalte met gemiddeld 369 gram/kg ds achter, vanwege een minder geslaagde kolfzetting en korrelvulling. De gemiddelde zeer hoge VEM toont dat er erg veel voederwaarde uit de restplant komt.

Focus op verteerbaarheid

LG's veredeling op voederwaarde uit zetmeel en de restplant blijkt zoals ieder jaar haarfijn uit de praktijkcijfers:

%ds VEM zetmeel NDF-verteerbaarheid
totaal maiskuilen 38,8 1008 369 55,1
maiskuilen zonder LG 38,7 997 363 53,9
100% LG maiskuilen 38,8 1013 370 55,8

Perfecte maiskuil

De allerbeste kuilanalyse komt dit jaar van Melkveebedrijf Noordzigt uit het Friese Sint Jacobiparochie. Met 38% drogestof, 1.061 VEM, 396 gram zetmeel en 55,9% NDF-verteerbaarheid bevat deze maiskuil van LG 31.205 en LG 31.211 een perfecte voederkwaliteit.

De nummer 2 doet hier met 36,6% drogestof, 1.059 VEM, 420 gram zetmeel en 54,8% celwandverteerbaarheid weinig voor onder. De mts. T. en F. Huitema-Brouwer uit het Friese Oudehaske teelde in 2018 het maisras LG 31.218. Deze 2 telers winnen hiermee een geheel verzorgd weekend weg in Zeeland met daarbij een bezoek aan het moderne kweekbedrijf van Limagrain in Rilland.

Het extra weekendje Zeeland dat onder alle inzenders is verloot, zodat bijvoorbeeld telers die hun maïs niet konden beregenen ook kans hadden, is gevallen op Melkveebedrijf de Koeweiden uit het Brabantse Den Hout.

Inzicht in praktijkprestaties

‘Als Nederlands enige maisveredelaar testen wij onze nieuwe maishybriden natuurlijk uitgebreid op proefvelden in heel Noordwest-Europa. Deze VEM wedstrijd geeft echter heel mooi inzicht in de prestaties van onze LG maisrassen in de praktijk’, verklaart Jos Groot Koerkamp van Limagrain. ‘We zien elk jaar weer onze focus op voederwaarde uit zetmeel én plantverteerbaarheid terug in deze cijfers, en dat is waar het rendement van de teler vandaan moet komen.’